Publicatiedatum: 11 april 2026
Sommige mensen hebben veel poliepen in de dikke darm, maar uit erfelijkheidsonderzoek komt geen bekende oorzaak. Er wordt dan geen verandering gevonden in genen die nu bekend zijn bij Polyposis, zoals APC of MUTYH. Dat noemen we onverklaarde Polyposis.
Deze groep krijgt steeds meer aandacht in onderzoek. Dat is belangrijk, want het gaat waarschijnlijk om veel mensen in Nederland.
Een grote groep zonder duidelijke verklaring
Bij een deel van de mensen met veel adenomen wordt geen bekende erfelijke oorzaak gevonden. Dat geldt voor 10 tot 20 procent van de mensen met meer dan 100 adenomen. Bij mensen met 10 tot 100 adenomen is dat zelfs 60 tot 70 procent.
Dat betekent dat er een grote groep mensen is die wel veel poliepen heeft, maar nog geen duidelijke verklaring krijgt. Dat kan ook gevolgen hebben voor familieleden. Want zonder duidelijke oorzaak is het lastiger om te bepalen welke controles nodig zijn.
Onderzoek geeft stap voor stap meer duidelijkheid
Bij het LUMC is al belangrijk onderzoek gedaan naar onverklaarde Polyposis. Daaruit bleek dat APC mozaïek een deel van deze gevallen kan verklaren. In een grote studie onder 541 mensen met onverklaarde Polyposis werd dit gevonden bij 9,4 procent van de deelnemers.
Deze uitkomst heeft bijgedragen aan aanpassingen in de Nederlandse richtlijnen voor erfelijke darmkanker. Dat laat zien hoe belangrijk dit onderzoek is.
Ook darmbacteriën lijken een rol te spelen
Onderzoekers zagen daarnaast aanwijzingen dat bepaalde darmbacteriën mogelijk invloed hebben op het ontstaan van poliepen en darmkanker. Het gaat om bepaalde soorten E. coli die een schadelijke stof kunnen maken.
Dat is een belangrijk nieuw spoor. Het laat zien dat niet alleen erfelijke aanleg een rol kan spelen, maar mogelijk ook wat er in de darm gebeurt.
Waarom dit onderzoek belangrijk is
Er is nog veel dat we niet weten over onverklaarde Polyposis. Toch komt er stap voor stap meer inzicht. Dat kan helpen om controles beter af te stemmen, families meer duidelijkheid te geven en risico’s eerder te herkennen.
Dat geeft hoop. Want hoe meer we begrijpen, hoe beter we mensen met Polyposis en hun families kunnen helpen.